HOE VINDT DE GEMEENSCHAP TUSSEN MENSEN EN GEESTEN PLAATS ?

Door het innerlijke of geestelijk gemoed van de mens, dat in zijn uitwendige of natuurlijke gemoed invloeit.

Apocalyps Ontvouwd 527 (gedeeltelijk):

De mens is door het lagere gemoed in de natuurlijke wereld tezamen met de mensen daar, maar door het hogere gemoed is hij in de geestelijke wereld met de engelen daar; die beide gemoederen zijn zo onderscheiden, dat de mens, zolang hij in de wereld leeft, niet weet wat er zich bij hem voltrekt in zijn hoger gemoed; en wanneer hij een geest wordt, wat terstond na de dood geschiedt, weet hij niet wat zich voltrekt in het lagere gemoed.

Hemel en Hel 300:

De verbinding van de hemel met de mens is niet zoals de verbinding van de mens met een ander mens, maar het is de verbinding met de innerlijke dingen die van zijn gemoed zijn, dus met zijn geestelijke of innerlijke mens; met zijn natuurlijke of uitwendige mens is er echter verbinding door overeenstemmingen, over welke verbinding zal worden gesproken in volgende artikelen.


IN WELKE VORM NEEMT DE MENS DEZE INVLOEIING OP ?

In de vorm van ideeën, neigingen en begeerten.

Hemel en Hel 168 (gedeeltelijk):

De engelen die met de mensen spreken, spreken nooit door de natuurlijke ideeën die de mens eigen zijn, en allemaal zijn vanuit de tijd, vanuit de ruimte, vanuit het stoffelijke, en vanuit de daarmee overeenkomende dingen, maar door geestelijke ideeën, die allemaal zijn vanuit de staten en de verschillende veranderingen ervan, binnen en buiten de engelen; toch worden de ideeën van de engelen, die geestelijk zijn, wanneer zij bij de mens invloeien, ogenblikkelijk en vanuit zichzelf verkeerd in de natuurlijke ideeën die de mens eigen zijn, geheel en al overeenstemmend met de geestelijke. Dat het zo geschiedt, weten de engelen niet, noch de mensen. Zodanig is ook alle invloed van de hemel bij de mens.

Hemelse Verborgenheden 751 (gedeeltelijk):

....er zijn boze geesten die, zoals gezegd, de valsheden en boosheden van de mens dan opwekken, en wel uit zijn geheugen alles wat hij van kindsbeen af gedacht en bedreven heeft; dit weten de boze geesten zo sluw en boosaardig te doen, dat het niet beschreven kan worden. Maar de engelen die bij hem zijn, brengen zijn goedheden en waarheden tevoorschijn en verdedigen de mens zo. Dit is de strijd die bij de mens gevoeld en waargenomen wordt.

Hemel en Hel 298.:

De geesten die bij de mens zijn, zowel zij die met de hemel verbonden zijn, als zij die met de hel verbonden zijn, vloeien nooit vanuit hun geheugen en het denken daaruit in bij de mens, want indien zij invloeiden vanuit hun denken, zou de mens niet anders weten dan dat de dingen die van hen zijn, van hem waren; maar niettemin vloeit door hen bij de mens vanuit de hemel de aandoening in die van de liefde van het goede en het ware is, en vanuit de hel de aandoening die van de liefde van het boze en het valse is.

Daaruit blijkt dat de mens, omdat niet het denken bij de mens door geesten wordt binnengebracht, maar alleen de aandoening van het goede en de aandoening van het boze, de keuze heeft, omdat hij het vrije heeft, aldus dat hij met zijn denken het goede kan opnemen en het boze verwerpen; want hij weet wat het goede is en wat het boze is vanuit het Woord.

Hemelse Verborgenheden 751 (gedeeltelijk):

...er zijn boze geesten die, zoals gezegd, de valsheden en de boosheden van de mens dan opwekken, en wel uit zijn geheugen alles wat hij van kindsbeen af gedacht en bedreven heeft; dit weten de boze geesten zo sluw een boosaardig te doen, dat het niet beschreven kan worden. Maar de engelen die bij hem zijn, brengen zijn goedheden en waarheden te voorschijn en verdedigen de mens op die wijze.

 

 

bron: Emanuel Swedenborg