WIST JEZUS VAN ZIJN GEBOORTE AF, DAT HIJ EN GOD, ÉÉN EN DEZELFDE WAS?

Nee, Hij kwam vanaf Zijn vroegste kindertijd tot dit inzicht.

Hemelse Verborgenheden 1401 (gedeeltelijk):

Hier beginnen de ware historische gedeelten, en zij zijn alle van uitbeeldende aard, en elk woord is van aanduidende aard. Wat in dit hoofdstuk over Abram wordt gezegd, beeldt de staat van de Heer uit van de eerste jeugd tot aan de jongelingsjaren. Daar de Heer evenals een ander mens geboren was, schreed ook Hij voort van een donkere staat naar een staat van klaarder licht.

Hemelse Verborgenheden 1407:

"En Jehovah zei tot Abram: Ga gij uit uw land, en uit uw geboorte, en uit uws vaders huis, naar het land, dat Ik u wijzen zal" (Genesis 12:1).

Deze dingen en de volgende hebben zich historisch zo toegedragen, als zij beschreven zijn, maar de geschiedenissen zijn van uitbeeldende aard en alle woorden zijn aanduidingen. Onder Abram wordt, als eerder gezegd, in de innerlijke zin de Heer verstaan. Jehovah zei tot Abram, betekent de allereerste aankondiging; ga gij uit uw land, betekent de lichamelijke en wereldse dingen, waaruit Hij zich terug moest trekken; en uit uw geboorte, betekent de uiterlijke lichamelijke en wereldse dingen; en uit uws vaders huis, betekent de innerlijke lichamelijke en wereldse dingen; naar het land dat Ik u wijzen zal, betekent de geestelijke en hemelse dingen, die zich aan Zijn blik zouden vertonen.

bron: Emanuel Swedenborg