VANWAAR IS DE LEER VAN HET ECHTE WARE ?

 

Zij wordt verzameld uit die plaatsen in het Woord,
waar de letterlijke zin doorschijnend is.
 
Leer over de Gewijde Schrift 55. 
De Leer van het echte ware kan ook ten volle vanuit de letterlijke zin van het Woord worden geput, want het Woord in die zin is evenals een mens die gekleed is, en van wie het aangezicht bloot is, en van wie handen eveneens bloot zijn; alle dingen die tot het leven van de mens zijn, dus die tot diens heil behoren, zijn daar naakt, de overige dingen echter bekleed, en in vele plaatsen, waar zij bekleed zijn, doorzichtig, zoals een aangezicht zichtbaar is door dunne zijde heen. Naar gelang ook de ware dingen van het Woord worden vermenigvuldigd vanuit de liefde ervoor, en naar gelang zij dan geordend worden, blinken zij al klaarder en klaarder door de klederen heen, en verschijnen ze: maar dit eveneens door de leer.
Ware Christelijke Religie 229-31.
De leer moet uit de zin van de letter van het Woord geput, en door deze bevestigd worden. Dit komt, omdat de Heer daarin aanwezig is, en leert en verlicht; want de Heer werkt nooit iets tenzij in de volheid, en het Woord in de letterlijke zin is in zijn volheid; vandaar komt het, dat de leer uit de zin van de letter geput moet worden. De leer van het echte ware kan zelfs ook volledig uit de letterlijke zin van het Woord geput worden, want het Woord is in die zin zoals een gekleed mens, wiens gelaat bloot is, en wiens handen ook bloot zijn. Alle dingen, die tot het geloof en tot het leven van de mensen, en die tot zijn zaligheid behoren, zijn daar naakt; maar de overige dingen zijn bekleed; en in vele plaatsen, waar zij bekleed zijn, schijnen zij door, zoals bij een vrouw door dunne zijde het gelaat zichtbaar is. Ook blinken en verschijnen de waarheden van het woord steeds klaarder en klaarder naarmate zij vermenigvuldigd worden door de liefde, die men voor ze heeft, en naarmate zij door deze liefde geordend worden.
 
Ware Christelijke Religie 230.
Geloofd kan worden, dat de Leer van het echte ware verkregen kan worden door de geestelijke zin van het Woord, die door de wetenschap van de overeenstemmingen gegeven wordt; maar de leer wordt door deze zin niet verkregen, maar alleen verlicht en bekrachtigd; want de mens kan, door enige overeenstemmingen, die hem bekend zijn, het Woord vervalsen, door ze te verbinden en toe te passen ter bevestiging van datgene, wat aan zijn gemoed kleeft vanuit een eenmaal aangenomen beginsel. Bovendien wordt de geestelijke zin aan niemand gegeven dan uit de Heer alleen, en hij wordt uit Hem bewaakt, zoals de engelenhemel wordt bewaakt, want de hemel is in die zin.
 
Ware Christelijke Religie 231 (gedeeltelijk):
Het echte ware, hetgeen tot de leer moet behoren, verschijnt in de zin van de letter van het Woord, alleen aan hen, die uit de Heer in verlichting zijn. De verlichting is uit de Heer alleen, en is bij hen, die de waarheden liefhebben, omdat zij waarheden zijn, en ze tot nutten van het leven maken; bij de anderen vindt geen verlichting in het Woord plaats. Dat de verlichting uit de Heer alleen is, komt omdat het Woord uit Hem is, en Hij derhalve daarin is. Dat de verlichting voor hen is, die de waarheden liefhebben omdat zij waarheden zijn, en ze tot nutten van het leven maken, komt, omdat zij in de Heer zijn en de Heer in hen is; Want de Heer is de Waarheid zelf. En men heeft de Heer dan lief, wanneer men naar Zijn Goddelijke waarheden leeft, dus wanneer nutten daaruit geschieden, overeenkomstig deze woorden bij Johannes:‘ In dien dag zult gij bekennen, dat gij in Mij zijt, en Ik in u ben; die Mijne geboden heeft, en dezelve doet, die heeft Mij lief; en Ik zal hem liefhebben, en Ik zal Mijzelve aan hem openbaren; en Ik zal tot hem komen en woning bij hem maken", (Johannes 14 : 20, 21,23). Dezen zijn het, die in de verlichting zijn, wanneer zij het Woord lezen, en bij wie het Woord lichtend en doorschijnend is. In de afzonderlijkheden van het Woord is een geestelijke en hemelse zin, en deze zinnen zijn in het licht van de hemelen; daarom vloeit de Heer door die zinnen en hun licht in de natuurlijke zin van het Woord, en in het licht daarvan bij de mens; daaruit erkent de mens vanuit een innerlijke gewaarwording het ware, en daarna ziet hij het in zijn denken, en dit zo vaak als hij in de aandoening van het ware ter wille van het ware is; want vanuit de aandoening komt de gewaarwording, vanuit de gewaarwording de gedachte, en zo geschiedt de erkenning, wat geloof wordt genoemd.
 
Alle eerdere citaten.

Digitale uitgave Swedenborg Boekhuis 2008.