Wat is het tweede gebod?
 
"Gij zult de Naam van Jehovah uw God niet ijdellijk gebruiken, want Jehovah zal niet onschuldig houden, die Zijn Naam ijdellijk gebruikt." (Exodus 20:7).
 
 
Wat betekent de naam van Jehovah ijdel gebruiken in de drie zinnen?
 
In de natuurlijke zin, de in het Woord vermelde namen van God misbruiken.  
Ware Christelijke Religie 297 (gedeeltelijk):
Onder de Naam van Jehovah God ijdel gebruiken wordt in de natuurlijke zin, die de zin van de letter is, de naam zelf verstaan, en het misbruik daarvan in allerlei gesprekken, vooral bij onwaarheden of leugens, en bij eden zonder oorzaak en met het doel om zich vrij te pleiten van boze bedoelingen, hetgeen vervloekingseden zijn, en bij tovenarijen en bezweringen. Doch bij God en bij Zijn Heiligheid, bij het Woord en bij het Evangelie zweren bij kroningen, bij inwijdingen tot het priesterschap, bij beloften van trouw, is niet de naam van God ijdellijk gebruiken, als degeen, die zweert, zijn beloften niet daarna als ijdel verwerpt.
 
In de geestelijke zin, al datgene wat de Kerk uit het woord leert en waardoor de Heer aangeroepen en aangebeden wordt, ontheiligen; dat is, geloven dat het waar is en toch in het boze leven, en ook heilig leven en toch niet geloven.
 
Ware Christelijke Religie 298 (gedeeltelijk):
In de geestelijke zin wordt onder de Naam van God al datgene verstaan, wat de Kerk uit het Woord leert, en waardoor de Heer aangeroepen en vereerd wordt; al deze dingen zijn de Naam van God in één samenvatting. Daarom wordt onder de Naam van God ijdellijk gebruiken verstaan: iets daaruit nemen in loos en vals gepraat, bij leugens, verwensingen, toverijen en bezweringen, want ook dit is God en dus Zijn Naam smaden en lasteren. Dat het Woord en hetgeen daaruit van de Kerk is, en dus de ganse eredienst de Naam van God is, kan uit de volgende plaatsen blijken: "Van de opgang der zon zal Mijn Naam aangeroepen worden" ,(Jesaja 26:8, 13; [41:25]; "Van de opgang der zon tot hare ondergang zal Mijn Naam groot zijn onder de natiën; en aan alle plaats zal Mijnen Naam reukwerk toegebracht worden. Gij ontwijdt Mijnen Naam, als gij zegt: De tafel van Jehovah is bevlekt; en gij blaast op Mijnen Naam, wanneer gij aanbrengt het geroofde, het kreupele en het kranke" ,(Maleachi 1: 11, 12, 13).
Hemelse Verborgenheden 8882 (gedeeltelijk)
Gij zult de Naam van uw God niet in het ijdele brengen; dat dit de ontwijdingen en de lasteringen van het ware en het goede van het geloof betekent, staat vast uit de betekenis van de Naam Gods, zijnde het al in samenvatting, waardoor de Heer wordt vereerd, aldus al het ware en het goede van het de geloof; en uit de betekenis van in het ijdele brengen, wat is, ontwijden en lasteren; met de Naam Gods in het ijdele brengen wordt eigenlijk aangeduid het ware in het boze verkeren, dat is, geloven dat iets waar is, en nochtans in het boze leven; en eveneens is het het goede in het valse verkeren, dat wil zeggen , heilig leven en toch niet geloven; het ene en het andere is ontwijding.
 
In de hemelse zin, lasteren tegen de Geest, dat is tegen de Goddelijkheid van het Menselijke van de Heer en tegen de Heiligheid van het Woord.
 
Ware Christelijke Religie 299 (gedeeltelijk):
In de hemelse zin wordt onder de Naam van God ijdellijk gebruiken al datgene verstaan, wat de Heer tot de Farizeërs zei: "Alle zonde en lastering zal de mens vergeven worden, maar de lastering van de Geest zal niet vergeven worden" , (Mattheüs 12:31,32); onder de lastering van de Geest wordt verstaan de lastering tegen de Goddelijkheid van het Menselijke van de Heer en tegen de Heiligheid van het Woord. Dat het Goddelijk Menselijke van de Heer onder de Naam van Jehovah God wordt verstaan in de hemelse of hoogste zin, blijkt uit het volgende: Jezus zeide: Vader, verheerlijk Uw Naam; en er kwam een stem uit de hemel, zeggende: En Ik heb verheerlijkt en Ik zal wederom verheerlijken, (Johannes 12: 28); zo wat gij begeren zult in Mijn Naam, dat zal Ik doen, opdat de Vader in de Zoon verheerlijkt worde; zo gij iets begeren zult in Mijn Naam, Ik zal het doen, (Johannes 14: 13, 14). In het gebed des Heeren wordt door 'Uw Naam worde geheiligd' in de hemelse zin ook niets anders aangeduid; desgelijks door de Naam in, (Exodus 23 : 21; Jesaja 63 :16). Aangezien de lastering van de Geest de mens niet vergeven wordt, overeenkomstig de woorden bij (Mattheüs 12 : 31, 32), en het dit is, wat in de hemelse zin wordt bedoeld, zo wordt aan dit gebod toegevoegd: "want Jehovah zal niet onschuldig houden, die Zijn Naam ijdellijk gebruikt".

bron: Emanuel Swedenborg