Wat is het zesde gebod?
 
"Gij zult niet echtbreken" (Exodus 20:14).
 
 
Wat betekent echtbreken in de drie zinnen?
 
In de natuurlijke zin,
echtbreken, ontuchtige dingen willen en doen
en vandaar wulpse dingen denken en spreken.
313 Ware Christelijke Religie.
In de natuurlijke zin wordt onder dit gebod niet alleen echtbreken verstaan, maar ook ontuchtige dingen willen en doen, en vandaar wulpse dingen denken en spreken. Dat alleen al het begeren echtbreken is, blijkt uit deze woorden van de Heer: "Gij hebt gehoord dat door de ouden gezegd is: Gij zult niet echtbreken. Maar Ik zeg u, dat zo wie een vreemde vrouw aanziet met deze begeerte, die heeft alreeds overspel met haar gedaan in zijn hart. (Mattheüs 5: 27,28). Dit komt, omdat de begeerte als het ware daad wordt, wanneer zij in de wil is; want in het verstand gaat alleen de verlokking binnen, doch in de wil de bedoeling, en de bedoeling van de begeerte is de daad. Dit wordt in de natuurlijke zin onder dit gebod verstaan.
67 Leer over de Gewijde Schrift. (gedeeltelijk)
Het gebod: 'Gij zult niet echtbreken'. De mens verstaat onder echtbreken echtbreuk begaan, hoereren, ontuchtige dingen doen, wulpse dingen spreken, en vuile dingen denken.
74 De Leer des Levens.
Onder echtbreken wordt in het zesde gebod van de Decaloog in de natuurlijke zin niet slechts verstaan hoereren, maar ook ontucht bedrijven, wulpse dingen spreken, en vuile dingen denken; onder echtbreken echter wordt in de geestelijke zin verstaan de goede dingen van het Woord echtbreken en de ware dingen ervan vervalsen; in de hoogste zin echter wordt onder echtbreken verstaan het Goddelijke van de Heer ontkennen en het Woord ontwijden: dit zijn de echtbreuken van elk geslacht. De natuurlijke mens kan vanuit het redelijk schijnsel weten, dat onder echtbreken ook wordt verstaan ontucht bedrijven, wulpse dingen spreken, en vuile dingen denken; maar hij weet niet, dat onder echtbreken ook wordt verstaan de goede dingen van het Woord echtbreken en de ware dingen ervan vervalsen en nog minder dat verstaan wordt het Goddelijke van de Heer ontkennen, en het Woord ontwijden; vandaar weet hij ook niet, dat echtbreuk zulk een erg boze is, dat het genoemd kan worden het duivelse zelf, want hij die in natuurlijke echtbreuk is, die is ook in geestelijke echtbreuk, en omgekeerd. Maar diegenen zijn in echtbreuken van elk geslacht tegelijk, die echtbreuken vanuit geloof en leven niet voor zonden houden.
 
In de geestelijke zin,
de goedheden van het Woord schenden
en zijn waarheden vervalsen.
 
314 Ware Christelijke Religie. (gedeeltelijk)
In de geestelijke zin wordt onder echtbreken verstaan de goedheden van het Woord schenden en zijn waarheden vervalsen. Dat ook dit onder echtbreken wordt verstaan, was tot nog toe onbekend, aangezien de geestelijke zin van het Woord tot nog toe verborgen was. Dat niets anders door echtbreken, overspel bedrijven en hoereren in het Woord wordt aangeduid, blijkt duidelijk uit de volgende plaatsen: "Gaat om door de straten van Jeruzalem, en zoekt, of gij een man vindt, die ‘gericht doet, en de waarheid zoekt; als Ik hen verzadigd had zo hebben zij gehoereerd’,(Jeremia 5:1,7); "in de Profeten van Jeruzalem zag Ik afschuwelijke verstoktheid, overspel bedrijvende en gaande in leugen", (Jeremia 23:14); "Zij hebben dwaasheid gedaan in Israël, hoererij bedreven en op leugenachtige wijze Mijn woord gesproken",(Jeremia 29:23); "Zij hebben gehoereerd, omdat zij Jehovah verlaten hebben",(Hosea 4:10); "Ik zal de ziel uitroeien, die zich tot de pyhtons en tot de waarzeggers keert, om die na te hoereren" ,(Leviticus 20:6); Aangezien de Joodse natie het Woord vervalst had, werd zij door de Heer ‘een overspelig geslacht’ genoemd (Mattheüs 12: 39); en ‘zaad des echtbrekers’, (Jesaja 57:3); behalve op tal van andere plaatsen, alwaar onder echtbreuken en hoererijen schendingen en vervalsingen van het Woord verstaan worden, zoals in , (Jeremia 3:6,8; 13:27 en elders).
 67 Leer over de Gewijde Schrift. (gedeeltelijk)
De geestelijke Engel verstaat onder echtbreken de goede dingen van het Woord echtbreken, en de ware dingen ervan vervalsen.
8903 Hemelse Verborgenheden.
"Gij zult niet echtbreken", betekent dat men de dingen die van de Leer van het geloof en van de naastenliefde zijn, niet moet verdraaien; en dus het Woord niet moet aanwenden om boze en valse dingen te bevestigen; voorts dat men de wetten van de orde niet moet omkeren.
8904 Hemelse Verborgenheden. (gedeeltelijk)
"Gij zult niet echtbreken"; dat dit betekent dat men de dingen die van de Leer van het geloof en van de naastenliefde zijn, niet moet verdraaien, en dus het Woord niet moet aanwenden om valse en boze dingen te bevestigen, voorts dat men de wetten van de orde niet moet omkeren, staat vast uit de betekenis van echtbreken, boeleren, en hoereren, wat in de geestelijke of inwendige zin is, de goede dingen verdraaien en de ware dingen vervalsen die van de Leer van het geloof en van de naastenliefde zijn; en omdat deze dingen met echtbreken worden aangeduid, wordt ook aangeduid het Woord aanwenden om boze en valse dingen te bevestigen, want het Woord is de eigenlijke Leer van het geloof en van de naastenliefde, en de verdraaiing van het ware en het goede daar, is de aanwending tot valse en boze dingen. Dat deze dingen met echtbreken en boeleren in de geestelijke zin worden aangeduid, weet heden ten dage nauwelijks iemand. De oorzaak hiervan is dat heden ten dage binnen de Kerk door weinigen wordt geweten wat het geestelijke is, en hoedanig dit verschilt van het natuurlijke. En nauwelijks iemand weet dat er een overeenstemming is tussen het ene en het andere, en wel een zodanige dat het beeld van het ene zich in het andere vertoont, dat wil zeggen, dat het geestelijke wordt uitgebeeld in het natuurlijke.
 
In de hemelse zin,
het Goddelijke van de Heer ontkennen e
n de Heiligheid van het Woord loochenen en ontwijden.
 
67 Leer over de Gewijde Schrift. (gedeeltelijk)
De hemelse engel echter verstaat onder echtbreken het Goddelijke van de Heer ontkennen, en het Woord ontwijden. 
315 Ware Christelijke Religie.
In de hemelse zin worden onder echtbreken verstaan de Heiligheid van het Woord loochenen, en het ontwijden. Dat dit in die zin bedoeld wordt, volgt uit de vorige geestelijke zin, wat zijn: de goedheden van het Woord schenden en de waarheden daarvan vervalsen. Diegenen loochenen de Heiligheid van het Woord en ontwijden het, die in hun hart om alle dingen van de Kerk en van de godsdienst lachen; want alle dingen van de Kerk en van de godsdienst in de Christelijke wereld zijn vanuit het Woord

 

bron: Emanuel Swedenborg